TWISTYMOTO

Serie: Hemelvaartweekend 2026

HVW26 – Van schaapjes tot sneeuw

15 mei 2026 – DuC

Vertrek: Wolfegg - Alttan
Aankomst: Wolfegg - Alttan
Aantal km: 392
ROUTE - HVW26 – Allgauer hof rondrit 1 (Oostenrijk)

Wakker worden


Aaah, dat Duitse hoofdkussen, en gisteren de hele dag de lage temperatuur, levert een ietwat stijve nek op. Voorzichtig rekken en strekken dan maar. Ik ben ook relatief vaak wakker geworden vannacht. Het zal het vreemde bed wel zijn.
Maar, zodra we de verduistering openen, schijnt de zon wel naar binnen. Dat is alvast een goed teken. Ik ga buiten alvast even wat frisse lucht opsnuiven om wat wakker te worden.

Vandaag is het ontbijt nog vanaf 7:00 uur, het is immers vrijdag. In het weekend is het 'pas' vanaf 8:00 uur.
Het ontbijt bestaat uit een typisch Duits ontbijtbuffet. Alles is aanwezig. De koffie-automaat is alleen niet de snelste, dus er ontstaat daar al snel een rij. Als ik aan de beurt ben zoek ik naar de mokken, maar ik zie alleen kleine kopjes. Espresso dan maar. Eenmaal bij onze tafel aangekomen, hebben de 2 collega's wél grote mokken met cappuccino. Blijkbaar staan die op een plankje ónder de automaat in plaats van erbovenop. Tot zover het wakker worden door de buitenlucht.

Route kiezen


Ondanks dat het vandaag natuurlijk voor de hand ligt om verlof te nemen, is het nog steeds een werkdag. Hoewel het op een brugdag als vandaag vast minder zal zijn, heb je dus ook nog steeds werk- en vrachtverkeer. Aan de andere kant, eventuele weekendafsluitingen of evenementen, daar hebben we vandaag dan weer géén last van.

Ik ben gek op de bergen, dus ik heb bewust een route richting Oostenrijk gemaakt. Niet de allerhoogste bergen, want die liggen nog ver buiten ons bereik, maar onmiskenbaar Oostenrijk. We kiezen er al snel voor om deze route te gaan rijden. Gisteren was het nog vies weer in die regio met veel regen, maar vandaag zou het zonnig blijven, en aan het eind van de middag wat kans op regen.

Groen begin


De route begint prachtig, de vakantiesfeer zit er gelijk in. Mooie groene weiden, de bomen vol met bladeren, en de heuvels zijn mooi glooiend. Na wat grotere wegen, slaan we een kleiner weggetje in, dat het bos in voert. Het wegdek is goed, grotendeels nieuw zelfs. Het is een weggetje naar onze smaak: klein, steil en technisch. Maar het is wel smal, en aan de gigantische stapels boomstammen te zien, kunnen we hier om ieder hoekje een bosbouwmachine of een omlaag denderende vrachtwagen verwachten. Op een mooi punt besluit ik de motoren stil te zetten, en van de stilte te genieten. Nou ja, stilte... in de verte horen we de koeienbellen. Welkom in de bergen!

We vervolgen even later onze weg, en hier treffen we nog iets anders waar je wel vaker op bedacht moet zijn in de bergen. Vee, midden op de weg. In de bocht van het smalle, kronkelige weggetje staan een aantal schapen. Ze rennen voor ons uit, alsof ze ons de weg willen wijzen. We hobbelen er achteraan, totdat ze vinden dat ze ons ver genoeg op weg hebben geholpen, en ze springen een wei in waar ze ons rustig aankijken. We zwaaien een bedankje terug, en gaan verder.

De hoogteverschillen worden steeds groter, en plotseling zien we een opschrift "Grenzbäckerei". En jawel, om de bocht staat het bordje Oostenrijk.
In het begin is dat nog een mooie weg, waar we na het technische werk van net nu even gas kunnen geven. Helaas verandert dit weggetje in een aaneenschakeling van bebouwing, met de bijbehorende snelheidsbeperking. Het stuk trekt zich naar verhouding lang, en daalt af richting het niveau van de Bodensee.

Furkajoch - Furkapass?


Zodra we Dornbirn de rug toekeren, stijgen we weer de bergen in en zien we de Bodensee in de verte liggen. De eerste pas is een feit: de Bödele. Op naar de tweede pas. Dit zou de Furkajoch moeten zijn. Niet te verwarren met de befaamde Furkapass; die ligt in Zwitserland. Bekend van onder andere Hotel Belvedere en waar de beroemde 007-achtervolging uit Goldfinger is opgenomen. Ik ben er geweest, en het is prachtig om te ervaren. Dat doe ik een volgende keer dan wel door de week, en niet op zondagmiddag.


Maar terug naar Oostenrijk, de Furkajoch.
Ook dit schijnt een mooie pas te zijn, hoewel deze niet zo legendarisch is.
Helaas weten we dat op dit moment nog steeds niet zeker. Waar we in eerste instantie een bord "Gesperrt - 18ton" hadden gezien, hadden we nog een beetje hoop dat de pas open was.


In Damuls stond er al een bord dat de pas volledig versperd was. Nu zijn wij maar een beetje eigenwijs, dus we gaan tóch kijken. En jawel, we rijden tot aan de slagbomen die dicht zijn. In de verte zie je een wit lijntje tegen de berg omhoog kruipen. Gisteren is er gewoon nog een pak sneeuw gevallen, dus dat ging hem niet worden.

Dan maar terug, via Fontanella en Sonntag naar Thüringen. Daar parkeren we de motoren bij het politiebureau. Ernaast zat namelijk een bakkerij. Uiteraard raak ik weer in gesprek met de lokale dorpsgek, die wat brabbelt over ijsheiligen en sneeuw. De rest van het verhaal was ietwat onverstaanbaar. Misschien was het zijn accent, misschien was het gewoon omdat 'ie rond het middaguur al stevig aan het bier zat. We zullen het nooit weten.

Tolweg?


Vanuit Thüringen had ik een stukje via een parallelweg langs de S16 uitgezet.
Voor de duidelijkheid: voor de S16 heb je een vignet nodig, en dat hadden we niet. Toch wilde de Tomtom ons telkens er op sturen. Daar moesten we dus wel scherp op blijven, maar het is gelukt. (inmiddels heb ik in dat routebestand wat extra puntjes erbij geplaatst zodat dit niet nog eens gebeurt)
Een politieagent op de motor zwaaide vriendelijk naar ons toen hij ons tegemoet kwam. Toen viel ons eigenlijk op: we hebben nog praktisch geen andere motorrijders gezien. Stel watjes, voor een beetje weer.

Onder aan Stuben am Arlberg zie je de weg prachtig omhoog kronkelen. Links boven zie je dan ook de galerij-tunnels tegen de berg omhoog kruipen in een wit landschap.
De galerij-tunnels zijn duidelijk al ouder. Een oudere bouwstijl, niet heel breed... Het heeft wel wat. Zodra we de tunnels uit komen, rijden we een wit landschap in. We staan boven aan de Flexenpass, en alles is wit. De weg is wel schoon en droog, maar dat is het dan ook. Gaaf!

Vanaf de Flexenpass daal je af naar Lech. Daar werd het sowieso tijd om eens even wat te tanken. Terwijl Oostenrijk relatief vriendelijke brandstofprijzen had, zoeken wij natuurlijk zo'n beetje het duurste tankstation in de regio uit. Maar ja, we gooien ze tóch vol.
Tijdens het tanken hoor ik geroep. Links niets, rechts niets... En tóch hoor ik geroep. Boven me hangt iemand uit het raam. Ik zet mijn helm af en doe mijn oordoppen uit. Ik heb de volgende local te pakken die een praatje wil aanknopen. Hij hoorde de motoren aankomen, en dacht, met die die-hards moet ik even kletsen. Hij bleek zelf met zijn Africa Twin al naar Amsterdam op en neer te zijn geweest. Hij klaagde wel over vierkante banden daarna, maar ja, je hoeft niet per sé alleen snelweg te rijden natuurlijk. We lijken afscheid te nemen, maar hij bedenkt zich. Hij vertelt me over het koningshuis, over het feit dat Beatrix wat stijfjes is, maar Willem-Alexander en Maxima een stuk losser. Lech is immers het wintersportverblijf van de koninklijke familie. Als we zometeen naar rechts kijken, zullen we Hotel Gasthof Post zien. Helaas staat het nu in de steigers, maar het is er echt mooi, passend voor de koninklijke familie. Volgens hem dan, maar eerlijk: het doet me maar weinig. Ook dat zijn gewoon maar mensen.

Achter de wolken... zie je gewoon niks


Na het vertrek uit Lech begint het te miezeren. Naarmate we bij de Hochtannbergpass omhoog gaan, wordt dit natte sneeuw. De hoeveelheid valt nog mee. De weg is blijkbaar relatief warm: we zien de damp vanaf het wegdek opstijgen. Naarmate we hoger komen, wordt de nevel dikker. Al snel blijkt waarom. De wolken stromen vanaf de andere kant over de pas, dus wij rijden de wolken in. Op Streetview ziet deze pas naar het Bregenzerwald er niet verkeerd uit. Wij hebben er echter niets van meegekregen.

Al snel zitten we achter een flinke vrachtwagen (oh ja, het is inderdaad vrijdag!), en de mist is inmiddels dik genoeg dat we er niet voldoende voorbij kunnen kijken.

Bij Schröcken - Neßlegg komen we onder het wolkendek, maar dan heb je het mooiste deel al achter de rug. Een pas om later nog eens over te doen, maar dan wel mét uitzicht.
Een stukje verder naar beneden volgt er weer een 180 graden bocht, maar het gave hier is dat je halverwege de bocht een brug op rijdt die zo verder draait naar beneden. De weg zweeft zo als het ware langs de berg naar beneden, met een bijna betoverend effect.

Natte sneeuw


Ongemerkt rijden we Duitsland weer in. Het valt ons plotseling op dat de kentekens om ons heen allemaal Duits zijn. Blijkbaar hebben we de bordjes aan de grens gemist.
Bij Schwabenhof staat er een heel groot led-scherm langs de weg. 'Nur befahrbar mit Winterausstattung!", en nog wat waarschuwingsborden erbij. Tja, we zijn er nu toch, kunnen we net zo goed kijken waar die heisa voor is. Het blijkt om de Riedbergpass te gaan.
In eerste instantie is er ook niets aan de hand. Maar, het begint te miezeren. Zodra de weg iets aan hoogte wint, wordt die miezer natte sneeuw. Het vizier zit vrij vlot dicht, dus de ruitenwisser (wijsvinger links) maakt overuren.

En eigenlijk was dat heel erg spijtig. Er zat geen stukje recht in die pas, dus op zich was het wel een genot om die te rijden. Maar dan wel graag met goed zicht, 2 handen aan het stuur, iets hogere temperaturen dan 1 graad, en geen auto voor je die niet durft te rijden. Inhalen in die omstandigheden was alleen ook weer iets té.
Ook deze pas staat op de nominatie om nog een keer over te doen.
Nur befahrbar mit Winterausstatung!

Bij Immenstadt im Allgäu hebben we de motoren even stilgezet om onder wat bomen even de benen te kunnen strekken. Tijdens het laatste stuk werd het wonder boven wonder zelfs weer een kwartiertje droog. In de verte werd het wel weer zwart, maar het ene moment reden we daar naartoe, en het volgende moment weer er van weg. Net toen het pak weer wat droog was geblazen, bleek dat die bui boven 'ons' dorpje hing. Daar gingen we dus echt niet aan ontkomen. Het was echt een flinke bui, dus zeiknat komen we uiteindelijk in ons hotel aan. Dan is er nog maar één ding dat we nodig hebben. Een warme douche! Gelukkig is dit een groot hotel, met voldoende warm water. Dat is in een kleiner Duits hotel niet altijd vanzelfsprekend.

Morgen mag het best wat droger worden, besluiten we.